De ‘Piramide van Maslow‘ is één van de bekendere ideeën uit de psychologie. Abraham Maslow formuleerde zijn idee van een hiërarchie aan basisbehoeften in zijn publicaties ‘A Theory of Motivation‘ (1943) en Motivation and Personality (1954). Anderen zijn dit de piramide van Maslow gaan noemen. Kort gezegd houdt dit idee in dat mensen hiërarchisch geordende basisbehoeften hebben die essentieel zijn voor een gezonde ontwikkeling. Dit idee is intuïtief aansprekend gebleken want het is erg populair geworden binnen en buiten de psychologie. Dat het binnen de psychologie populair is blijkt het uit feit dat het in vrijwel geen enkel inleidend psychologiehandboek ontbreekt. Dat het buiten de psychologie populair is geworden blijkt onder andere uit het feit dat een grapje waarin wifi als nieuwe basisbehoefte is toegevoegd aan de Maslow piramide meteen wordt begrepen door vrijwel iedereen. Het is dan ook niet verbazingwekkend dat wij regelmatig vragen krijgen over hoe de piramide van Maslow verschilt van de nieuwe dominante motivatietheorie binnen de psychologie, de zelfdeterminatietheorie (ZDT, zie onder andere Ryan & Deci, 2017). Die theorie poneert immers ook basisbehoeften die essentieel zijn voor een gezonde ontwikkeling. Hieronder beantwoord ik die vraag vanuit 4 verschillende perspectieven.

De theorie van Maslow

Maslow formuleerde 5 categorieën van menselijke behoeften die volgens hem hiërarchisch geordend waren. De onderstaande figuur toont deze behoeften in hun veronderstelde piramidale ordening.

4 Verschillen tussen de Piramide van Maslow en de psychologische basisbehoeften uit de zelfdeterminatietheorie

De hiërarchie van Maslow veronderstelde dat fysiologische behoeften zoals het hebben van voldoende zuurstof, voedsel, water en dergelijke de meest basale behoeften van mensen zijn. Hij stelde dat dit deficit needs waren. Hiermee bedoelde hij dat als ze niet in voldoende mate worden vervuld ze de hoogste prioriteit krijgen. Als ze wel worden vervuld verschuift de aandacht van een persoon zich volgens Maslow naar het bovenliggende niveau. Het niveau van veiligheidsbehoeften. En zo werkt het door naar boven. Psychologische behoeften worden volgens Maslow pas belangrijk nadat voldaan is aan de ‘basic needs’ en self-actualisation wordt pas een belangrijke behoefte als aan alle onderliggende behoeften is voldaan.

De drie psychologische basisbehoeften uit de zelfdeterminatietheorie

Deze drie universele psychologische basisbehoeften zijn:

  1. de behoefte aan autonomie: de behoefte om zelf te kunnen kiezen wat je doet, erachter te kunnen staan wat je doet, te kunnen doen wat je interessant of belangrijk vindt.
  2. de behoefte aan competentie: de behoefte om ons effectief en capabel te voelen en beter te worden in de activiteiten waar we ons in ons leven mee bezig houden en die belangrijk voor ons zijn.
  3. de behoefte aan verbondenheid: de behoefte om ons verbonden te voelen met anderen, ergens bij te horen, het gevoel te hebben dat anderen om jou geven en iets te kunnen betekenen voor anderen.

Mawslows piramide en de zelfdeterminatietheorie hebben beslist iets gemeen met elkaar. Dat is dat beide uitgaan van basale menselijke behoeften die essentieel zijn voor een gezonde ontwikkeling. Inhoudelijk lijkt er ook sprake te zijn van een zekere inhoudelijke overlap tussen Maslows behoeften en die uit de zelfdeterminatietheorie. Het dus best voor de hand liggend dat mensen zich afvragen wat de verschillen en overeenkomsten zijn tussen Maslow en de zelfdeterminatietheorie. Maar de verschillen zijn tamelijk groot. Hieronder beschrijf ik 4 belangrijke verschillen.

1. Er zijn flinke inhoudelijke verschillen

Oppervlakkig gezien lijken er wat inhoudelijke overeenkomsten te zijn tussen Maslow en de ZDT. De behoefte aan beloningness & love needs doet denken aan de behoefte van verbondenheid. Maar de inhoudelijke verschillen tussen beide sets van behoeften zijn groter dan wellicht op het eerste gezicht lijkt. In de eerste plaats richt de ZDT zich alleen op psychologische basisbehoeften terwijl Maslow zich tevens op andere, zoals fysiologische behoeften richt. In de tweede plaats ziet Maslow de behoefte aan self-esteem als een basisbehoefte terwijl de ZDT dat niet doet. De ZDT ziet de behoefte aan self-esteem als een behoeften-substituut. Hiermee wordt bedoeld dat deze behoefte pas manifest wordt wanneer de vervulling van de basisbehoeften (autonomie, competentie, verbondenheid) gefrustreerd wordt. In het verlengde hiervan: de behoeften aan erkenning en waardering liggen niet dicht aan tegen ZDT’s basisbehoeften maar lijken eerder op de behoefte aan status wat een extrinsieke aspiratie is die geassocieerd is aan de frustratie van de basisbehoeften. In de derde plaats komt de behoefte aan self-actualisatie niet terig in de ZDT. Terwijl Maslow self-actualisatie ziet als een behoefte, ziet de ZDT iets als self-actualisatie als een beschrijving van wat er gebeurt als voldaan wordt aan de drie basisbehoeften.

2. Maslow veronderstelt hiërarchie, ZDT niet

Een ander belangrijk verschil is dat Maslow een hiërarchie in de behoeften veronderstelt terwijl de ZDT dit niet doet. Maslow denkt dat zijn ‘hogere’ behoeften pas belangrijk worden als de ‘lagere’ vervuld zijn. De ZDT gaat er vanuit dat er geen volgordelijkheid bestaat. De drie basisbehoeften zijn gedurende het hele leven belangrijk en er is geen prioritering aan te brengen in de mate waarin ze belangrijk zijn. Ook gaat de ZDT er vanuit dat er geen strikte hiërarchische ordening bestaat tussen psychologische basisbehoeften en andere basisbehoeften (zoals behoefte aan veiligheid en materiële welvaart). De ZDT stelt dat mensen ook in (bijvoorbeeld) onveilige situaties en situaties van extreme armoede en honger autonomie, competentie en verbondenheid nodig blijven hebben voor goed functioneren en welbevinden.

3. Maslow focust op sterkte van de behoeften, ZDT op de mate waarin behoeften vervuld zijn

Maslow gaat er vanuit (net als veel andere theoretici op het gebied van motivatie) dat de sterkte van de behoeften een voorspeller is voor welbevinden en functioneren van individuen. De ZDT doet dit niet. De ZDT gaat er vanuit dat de mate waarin het individu het gevoel heeft dat er voldaan wordt aan de behoeften een voorspeller is van welbevinden en functioneren ongeacht hoe sterk die behoeften zijn. Dat er verschillen in sterkte van behoeften kan bestaan wordt niet ontkend binnen de ZDT. Maar de ZDT verondersteld dat deze sterkteverschillen samenhangen met de mate waarin de behoeften in het verleden gefrustreerd zijn.

4. Veel empirische steun voor de ZDT, weinig voor Maslow

Maslow was een grondlegger en exponent van de humanistische psychologie beweging. Een sterkte van deze beweging was om veel nieuwe ideeën naar voren te schuiven over de psychologie. Een zwakte lag in het toetsen van deze ideeën door middel van goed wetenschappelijk onderzoek. Naar Maslow’s piramide is weinig goed onderzoek gedaan. Er is daarom weinig empirische steun voor zijn idee. Wel zijn er onderzoeken die rechtstreeks aspecten van zijn theorie ontkrachten (zie hier bijvoorbeeld). Maslow zelf was verbaasd over het gemak waarmee zijn idee werd omarmd. In 1962 zei hij: “Mijn motivatietheorie is twintig jaar geleden gepubliceerd en in al die tijd heeft niemand hem herhaald, of getest, of echt geanalyseerd of bekritiseerd. Ze gebruikten het gewoon, slikten het in zijn geheel door met slechts de kleinste aanpassingen.”

Naar de aannames van de ZDT daarentegen is veel onderzoek gedaan en dit onderzoek gaat volop door. Voor de validiteit van de psychologische basisbehoeften is veel bewijs.

Conclusie

De overeenkomst tussen de Piramide van Maslow en de ZDT is heel beperkt. Er is niets mis met het feit dat Maslow zijn hiërarchie van basisbehoeften indertijd heeft voorgesteld. Het is een intuïtief aansprekend model en zijn ideeën hadden waar kunnen blijken te zijn. Maar de piramide blijkt gebaseerd te zijn op ideeën die grotendeels niet kloppen. De basisbehoeften uit de zelfdeterminatietheorie lijken een veel beter model te zijn voor hoe menselijke motivatie werkt.

Print Friendly, PDF & Email
Wat vind je van dit artikel?
  • Interessant (18)
  • Bruikbaar (2)