Psychologische affordanties: welke mogelijkheden biedt de context om een psychologische interventie te laten werken?

In een nieuw artikel schrijven Walton & Yeager (2019) over het belang van psychologische affordanties voor het welslagen van psychologische interventies. Psychologische affordanties zijn kenmerken van een sociale omgeving (bijvoorbeeld een school of een werkomgeving) die het mogelijk maken voor het individu (of toestemming geven aan het  individu) om te denken op de manier die de psychologische interventie heeft aangeboden. Hieronder leg ik uit wat Walton & Yeager hiermee bedoelen en waarom aandacht voor psychologische affordanties een belangrijke manier is om de psychologie te kunnen begrijpen, toepassen en ontwikkelen.

Psychologische interventies

De sociale psychologie heeft een flink aantal interventies opgeleverd die blijvende verbetering kunnen opleveren in het leven van mensen. Deze interventies worden wel korte psychologische wijze interventies (brief psychological wise interventions) genoemd. Het aanbieden van de interventie duurt kort, is eenvoudig en goedkoop en het reikt het individu een manier van denken aan die leidt tot een effectievere of wijzere manier van omgaan met bepaalde situaties of problemen.

Enkele voorbeelden die Walton & Yeager noemen zijn mindsetinterventies en social-belonging-interventies. Mindsetinterventies zijn interventies die erop gericht zijn om de manier van denken van het individu over het eigen vermogen om iets te leren te beïnvloeden. Social-belonging interventies zijn interventies die erop gericht zijn om individuen de overtuiging te geven dat zij passen in de omgeving waarin ze zich bevinden. Beide soorten interventies kunnen belangrijke obstakels wegnemen voor het individu om inzet te bieden en resultaten te bereiken.

Psychologische interventies werken niet voor iedereen en in iedere context

Maar het is niet zo dat deze interventies voor iedereen en in alle contexten werken. Om succesvol te kunnen en blijven zijn, moeten interventies in de eerste plaats gericht zijn op mensen die er baat bij kunnen hebben en in de tweede plaats ondersteund worden door de context. Verandering vraagt om goede zaadjes (goede psychologische interventies) die gepland worden in vruchtbare grond (een context die mogelijkheden bied om de interventie te laten werken).

De interventies zijn geschikt voor individuen die kwetsbaar zijn

De psychologische interventies zijn geschikt voor mensen die kwetsbaar zijn voor een ineffectieve manier van denken. Mindsetinterventies kunnen leiden tot verbetering bij leerlingen die een statische mindset hebben en die daardoor belemmerd worden in hun leren en presteren. De kwetsbaarheid is dan bijvoorbeeld dat je denkt dat je waarschijnlijk niet slim genoeg bent voor een vak. Uit deze manier van denken kan voortkomen dat je weinig inspanning levert om het te leren.

Social-belonging-interventies kunnen leiden tot verbetering bij individuen die zich afvragen of ze, gezien de groep waar ze toe behoren, wel passen in de context waarin ze terecht zijn gekomen. Denk bijvoorbeeld aan vrouwelijke studenten in een omgeving met bijna alleen mannelijke studenten of aan individuen met een migratie-achtergrond in een werkcontext met verder vrijwel alleen collega’s uit de dominante cultuur. De kwetsbaarheid is hier bijvoorbeeld dat je denkt dat je hier toch niet gaat slagen omdat je hier niet thuishoort of nooit geaccepteerd zult worden.

De interventies werken in kansrijke contexten (met psychologische affordanties)

De genoemde interventies werken in situaties die het mogelijk maken om te (blijven) denken op de manier die gesuggereerd wordt door de interventie. Met andere woorden: als de situatie psychologische affordanties biedt. Dit is de vruchtbare grond die nodig is om te interventies te laten slagen.

Als een mindset-interventie suggereert dat je goed je best doet, inspanning levert en doorzet dan kan deze interventie ontkracht worden indien je binnen je klas je sociale status verliest door je best te doen. Met andere woorden: als de sociale norm is dat je best doen iets voor losers is (o.i.d.). Als een social-belonging-interventie suggereert dat je ‘erbij kunt horen’ maar de omgeving biedt ‘mensen zoals jij’ weinig mogelijkheden om het gevoel te hebben erbij te horen, dan kan de interventie zijn werking verliezen.

Psychologische interventies werken voor kwetsbare individuen in kansrijke contexten. Belangrijk is het daarom om niet alleen te kijken naar en invloed uit te oefenen op individuen. Ook is het nodig om contexten te bekijken en, waar nodig, te beïnvloeden.

Wat betekent dit voor de psychologische wetenschap?

Deze manier van denken heeft ook veel betekenis voor hoe we over de psychologische wetenschap moeten denken. Binnen de psychologie proberen we nu vaak de geldigheid of relevantie van een een concept te beoordelen via meta-analyses en via replicatie-onderzoek. Maar deze twee manieren hebben belangrijke beperkingen.

Bij een meta-analyse wordt gekeken naar gemiddelde effecten over allerlei situaties en bij allerlei populaties. Maar deze manier van denken miskent het inzicht dat psychologische interventies slechts nuttig zijn voor bepaalde soorten individuen en in bepaalde soorten contexten. Als je allerlei soorten individuen en contexten op een hoop gooit is het niet vreemd dat echte effecten gemaskeerd worden. (Een recente meta-analyse van Sisk et al. begaat deze denkfout).

Bij replicatie-onderzoek wordt nu vaak gekeken naar de vraag of een effect gerepliceerd kan worden waarbij de doelpopulatie en de sociale context vaak veronachtzaamd wordt. Maar de doelpopulatie en de sociale context zijn juist belangrijke variabelen. Replicatie-onderzoek moet zich richten op de vraag of het gevonden effect gerepliceerd kan worden bij de gedefinieerde doelpopulatie en in de gedefinieerde context met gebruikmaking van dezelfde methode (dit is niet altijd de praktijk).

Daarnaast is het belangrijk om kennis op te bouwen over de grenzen aan de toepasbaarheid van interventies. Om daar meer over te weten te komen is het nodig om bewust de populatie en context in onderzoeken te manipuleren. Zo komen we meer te weten over de behandelingsheterogeniteit, met andere woorden: factoren die bepalen voor wie en wanneer de interventie meer of minder effectief is.

Print Friendly, PDF & Email
Wat vind je van dit artikel?
  • Interessant (4)
  • Bruikbaar (0)