Hieronder kun je drie voorbeeldgesprekjes tussen een docent en een leerling lezen. In de eerste twee gesprekjes is de aanpak van de docent niet effectief, in het derde gesprekje wel.

De situatie

De situatie is de volgende. Tijdens lessen zit Laura regelmatig te praten met medeleerlingen en op haar telefoon te kijken waarna zij en haar vriendinnen hardop zitten te lachen. Dit werkt verstorend voor iedereen. De docent heeft haar tijdens de les al meerdere keren gevraagd rustig met de les mee te doen, maar het kletsen en lachen ging door. Hij heeft haar gevraagd om na schooltijd even bij hem langs te komen.

Gesprekje 1: forcerend

In het eerste gesprekje stelt de docent zich forcerend op. Hij brengt het onderwerp ter sprake op een dwingende en negatieve manier. Dit komt nogal eens voor wanneer docenten het gesprek uit ergernis en onvoorbereid voeren.

 

Docent Laura, Ik neem aan dat jij wel begrijpt waarom je bij mij moest komen, hè?
Leerling Eh. Nee.
Docent Omdat jij een storende factor in de les bent! Je zit de hele tijd te kleppen met je vriendinnen, te lachen. Je bent met van alles bezig maar niet met de les. Je leidt iedereen af.
Leerling Nou… ik ben echt niet de enige die kletst hoor…
Docent Ja, kom nou niet met dit soort uitvluchten! Ik heb niks met anderen te maken. Ik heb het over jou en jouw houding. Het moet afgelopen zijn met dat gedonderjaag. Begrijp je? Het is hier geen kleuterschool!
Leerling Nou, u doet net alsof ik nooit oplet…
Docent Nou, daar lijkt het ook wel een beetje op, ja. Van nu af aan ga ik jou heel scherp in de gaten houden. Als je na een eerste waarschuwing niet ophoudt met dat geklier, kun je de klas meteen verlaten. En ik maak een aantekening in Magister!
Leerling Nou, ik vind het niet echt eerlijk dat u mij er speciaal uitpikt.
Docent Daar ga je weer met je uitvluchten! Jij moet je niet verstoppen achter andere leerlingen.  Schaam jij je niet voor je gedrag? Wat een portret ben jij zeg…
Leerling
Docent Nou, je bent dus gewaarschuwd. Je kunt gaan.

 

Er valt iets voor te zeggen dat de docent het onderwerp direct ter sprake brengt. Maar de manier waarop hij dat doet zet de relatie met de leerling onder druk. Hierdoor verkleint de docent dat de leerling na dit gesprek goed gemotiveerd naar de volgende les zal komen. Hier en hier kun je iets meer lezen over waarom dat zo is.

Gesprekje 2: helpend

In het tweede gesprekje kiest de docent voor een vriendelijke aanpak. Hij probeert ondersteunend te zijn door zijn hulp aan te bieden aan de leerling. De neiging om het gesprek zo te voeren kan te maken hebben met het feit dat veel docenten sociaal zijn ingesteld en leerlingen graag willen helpen.

 

Docent Hoi Laura, ik wilde even kort met je praten. Loopt het wel lekker met je?
Leerling Ja hoor. Loopt goed. Geen probleem.
Docent Oh, fijn. En in de klas? Wil het lukken?
Leerling Ja hoor. Loopt wel goed. Soms een beetje saai. Maar, ja, dan zorg ik er zelf wel voor dat het wat leuker wordt.. 😊
Docent Ja, prachtig. 😊 Mooi hoor… Hé, wat ik je wilde vragen is: wat heb jij nodig?
Leerling Huh? Ik heb niets nodig?
Docent Echt niet, Laura? Denk eens goed na: wat heb jij nodig om goed mee te doen met de les?
Leerling … Geen idee. Ik heb echt niets nodig…
Docent Nou, ok, Laat ik het anders vragen: Hoe kan ik jou helpen om goed mee te doen met de les?
Leerling … 😊 Misschien kunt u de les iets boeiender maken?
Docent Nou, Laura, jij snapt zelf ook wel… wiskunde is soms taai hè? Daar kan ik als leraar natuurlijk ook niet zoveel aan doen… Maar ik wil het eigenlijk hebben over hoe ik jou kan helpen om goed mee te doen met de les….
Leerling Sorry, ik begrijp niet waar u het over heeft. Ik heb volgens mij geen hulp nodig.
Docent Nou, zou het jou helpen als ik af en toe even langs je tafel loop om te controleren of allemaal lukt met je sommen?
Leerling Nou nee, dat hoeft echt niet hoor….
Docent Hm… En zou het je helpen als ik je wat vaker de beurt geeft tijdens de les? Om je meer bij de les te betrekken?
Leerling Eh… nee…. Dat zou echt niet  hoeven….
Docent Nou, misschien moeten we het dan hier even bij laten op dit moment. Maar zou ik je mogen vragen om toch eens door te denken over die vraag wat je nodig hebt?
Leerling Ja, is goed, zal ik doen. Kan ik dan nu gaan?
Docent Ja hoor. En tot donderdag dan, hè?

 

Dat de docent vriendelijk doet, wil helpen en aandacht probeert te besteden aan de relatie met de leerling is goed. Maar dat hij de leerling probeert te helpen sluit niet goed aan op deze situatie. De leerling heeft namelijk geen hulpvraag en heeft niet het gevoel ergens bij geholpen te moeten worden. Daarom kan het effect van deze aanpak toch averechts zijn. De leerling zou geërgerd kunnen raken door de aanhoudende maar onnodige hulppogingen. Ook zou de leerling er onzeker kunnen worden. In dit artikel kun je iets lezen over het verschil tussen helpen en sturen.

Gesprekje 3: sturend

In het derde gesprekje besteedt de docent zowel op directe wijze aandacht aan het onderwerp, zonder er om heen te draaien, als aan de relatie. De docent maakt direct duidelijk wat hij verwacht van de leerling en ook waarom dat nodig is. Tegelijk biedt hij ruimte voor het perspectief van de leerling en reageert hij hier erkennend op.

 

Docent Bedankt voor je komst, Laura. Ik heb je gevraagd even te lopen omdat ik het even met je zou willen hebben over rustig en geconcentreerd meedoen in de les.
Leerling Moet dat?! Ik zit ik al de hele dag op school, moet ik ook nog na school blijven! Ik wil met m’n vriendinnen de stad in.
Docent Ja, ik kan me voorstellen dat je dat zegt. Ons gesprekje hoeft niet zo lang te duren. Ik vind het wel belangrijk om het nu eventjes met je te hebben over hoe jij rustiger en geconcentreerder mee kunt doen in de les.
Leerling Nou, ok dan…
Docent Goed. Ik zal even uitleggen waarom ik dat zo belangrijk vind. We zijn op dit moment bezig met best een moeilijk onderwerp. Om dat onderwerp goed te gaan begrijpen voor de leerlingen is het heel belangrijk dat ze goed kunnen luisteren op het moment dat ik dingen uitleg en dat ze zich goed kunnen concentreren op het moment dat ze zelfstandig sommen aan het maken zijn. En daarom is het zo belangrijk dat de leerlingen rustig en geconcentreerd meedoen.
Leerling Ja, dat snap ik wel maar de stof is zo ontzettend saai en ik snap het al lang.
Docent Oh ja, als je de stof saai vindt en als je het al lang snapt, dan kan ik me er best iets bij voorstellen dat je zegt: ik vind het moeilijk om rustig en geconcentreerd mee te doen…. Dus mijn vraag is aan jou: hoe zou je dat toch voor elkaar kunnen krijgen?
Leerling Nee, geen idee. En trouwens … ik ben echt niet de enige die soms zit te kletsen, hè? Mijn vriendinnen, die kletsen ook tegen mij. Dus ik vind echt het niet eerlijk dat u mij er alleen uitpikt! Volgens mij mag u mij gewoon niet!
Docent Oh, is dat de indruk die jij hebt? Nou, fijn dat je dat eerlijk zegt. Want dan kan ik vertellen hoe ik het zie. En hoe ik het zie is: ik vind jou een heel leuke leerling en ik ben heel blij met jou in de klas. En ik heb ook een hoge verwachting van jou. Dat is hoe ik het zie.
Leerling Eh…nou… oké .. maar… waarom moeten we dan praten?
Docent Nou, waarom ik even met je wil praten is te praten is omdat ik het belangrijk vind dat je een manier gaat vinden om iets rustiger en geconcentreerder mee te doen in de les en zo helpt om een rustige sfeer in de klas krijgen zodat iedereen zich goed kan concentreren. Dus daarom is mijn vraag aan je: hoe zou je dat voor elkaar kunnen krijgen? Dat je rustig en geconcentreerd meedoet met de les?
Leerling Eh…nou, dat vind ik dus wel moeilijk …
Docent Ja, dat kan ik me best voorstellen. Het is niet zo’n makkelijke vraag, hè? Denk er maar even rustig over na.
Leerling Eh… misschien kan ik aan Lisa vertellen dat ik beter wil gaan opletten in les?
Docent Dat zou volgens mij een heel goed idee zijn. Dat zou echt kunnen helpen. Ja, zeker, want dan kan zij daar ook rekening mee houden. Heb je misschien nog een idee?
Leerling Eh… ja, nou eigenlijk meer een vraag. Vindt u het goed als ik soms tijdens het zelfstandig werken als ik al mijn sommen al afheb iets ga doen voor een ander vak?
Docent Oh ja, zeker. Laten we dat dan even in overleg doen. Als jij klaar bent tijdens het zelfstandig werken dat je me dan even een seintje geeft. Kom ik even meekijken of alles duidelijk is en als dat zo is vind ik het prima als jij even met een ander vak aan de slag gaat.
Leerling Oh, dat vind ik wel cool. Bedankt.
Docent Geen probleem. Heb je misschien nog meer ideeën?
Leerling Nee, dit was het.
Docent Oké, nou dit is eigenlijk al heel mooi denk ik. Jij gaat dus aan Lisa vertellen: ik wil beter gaan opletten, rustiger en geconcentreerder meedoen. En daarnaast spreken we af dat als jij klaar bent met je sommen, jij mij even een seintje geeft en als dat allemaal goed eruit ziet dan heb jij gewoon de gelegenheid om even met een ander vak aan de slag te gaan als dat nuttiger voor jou is. Prima.
Leerling Oké. Ja.
Docent Zullen we dan afspreken dat we na de volgende les even de koppen bij elkaar steken en dan hoor ik graag hoe het je is gelukt?
Leerling Oké…
Docent Oké, nou, tot donderdag in de les en een fijne middag verder!
Leerling Tot donderdag.

 

Het resultaat van dit gesprek kan niet zijn dat de leerling niet begrijp wat er van haar verwacht wordt en waarom dat belangrijk is. Ook kan de leerling leerling op basis van dit gesprek niet tot de conclusie komen dat de docent een hekel aan haar heeft. Dit is belangrijk. Onderzoek binnen de zelfdeterminatietheorie heeft ooit laten zien dat een van de belangrijkste voorspellers van een goede motivatie van leerlingen in de klas is: het gevoel dat de docent op hen gesteld is. In dit gesprek maakt de docent duidelijk dat dat het geval is.

Hoe we het gesprek aanpakken bepaalt hoe zinvol het zal zijn

Alle drie deze gesprekjes duurden maar een paar minuten. Maar het verschil in effect van hoe deze tijd besteed is in deze paar minuten kan groot zijn. Het is niet alleen belangrijk dat we een gesprek aangaan maar vooral ook hoe we dat gesprek aanpakken.

Print Friendly, PDF & Email
Wat vind je van dit artikel?
  • Interessant (4)
  • Bruikbaar (2)