Het wegbewegen van Parkinson-symptomen?Al enkele malen heb ik geschreven over de voordelen van wandelen (zie hier, hier en hier). In mijn recensie van Erik Scherders boek Laat je hersenen niet zitten vat ik de voordelen van lopen, wandelen, zoals hij die beschrijft, samen. Dagelijks matig intensief bewegen, ten minste een half uur of zo, zorgt niet alleen voor een betere lichamelijke fitheid maar ook voor het gezonder houden van je hersenen waardoor je verstandelijk beter functioneert en specifieke mentale problemen minder snel optreden. Scherder citeert onderzoek waaruit het beeld naar voren komt dat de voordelen van bewegen vooral aangetoond zijn bij mensen die nog niet getroffen zijn door breinaandoeningen. Voor mensen die al wel een breinaandoening hebben, is er veel minder bewijs, deels omdat er gewoonweg heel weinig onderzoek is gedaan, deels omdat de resultaten van het onderzoek dat wel is gedaan, wat wisselend zijn. In Norman Doidges boek The brain’s way of healing staat een aansprekende casusbeschrijving van een Parkinson-patiënt John Pepper, die veel baat heeft bij lopen. 

John Pepper, begon sinds 1968 symptomen van de ziekte van Parkinson te krijgen en bij wie in 1992 de ziekte werd gediagnosticeerd, schreef Doidge een brief in 2008 waarin hij vertelde hoe hij zichzelf geleerd had om zijn bewegingen die normaal vanuit het onbewuste zenuwstelsel worden aangestuurd, bewust aan te sturen waardoor hij de belangrijkste symptomen van de ziekte wist te onderdrukken en tegenwoordig niet meer te herkennen is als een Parkinson-patiënt. Hij had zijn lopen verbeterd door veel te lopen en zich hierbij redelijk in te spannen. Ondertussen lette hij heel goed op zijn bewegingen en corrigeerde hij die bewust op het moment dat merkte dat hij niet goed bewoog. Hij liep 15 mijl per week,verspreid over 3 sessies. Eerst had hij zo zijn manier van lopen veranderd, daarna had hij ook zijn tremor, die kenmerkend is voor Parkinson-patiënten, door bewuste aandacht weg gekregen. Hij slikte niet langer medicijnen. In zijn brief schreef hij dat hij een boek geschreven had over zijn genezing dat echter door de medische professie werd afgewezen, echter zonder dat men zijn casus goed onderzocht.

Nadat Doidge het boek van Pepper gelezen had, besloot hij naar Zuid-Afrika te gaan om zijn casus diepgaand te onderzoeken. Hij merkte dat medische professionals die gehoord hadden van de casus, deze afwezen, zeggend dat Parkinson-symptomen niet omkeerbaar zijn wat moet betekenen dat Pepper geen echte Parkinson-patiënt was, aangezien hij nu klachtenvrij was. Dit zou echter een cirkelredenering kunnen zijn. Doidge trok de hele ziekte geschiedenis van Pepper na, las oude dossiers en sprak met zijn artsen uit de tijd dat de diagnose gesteld werd. Hij constateerde dat er wel degelijk sprake was van de ziekte van Parkinson. Doidge kwam er ook achter dat de ziekte niet werkelijk verdwenen was maar dat de symptomen verdwenen waren. Toen Pepper namelijk wegens ziekte enkele keren niet in staat was, gedurende enkele weken, te lopen keerden zijn Parkinsons-symptomen terug. Toen hij het lopen weer hervatte, verdwenen zij na enige tijd weer. Hoe deze effecten precies bij Pepper tot stand kwamen is nog niet bekend. Wel is er onderzoek bij dieren gedaan dat Peppers beweringen over hoe hij zijn symptomen ‘wegliep’ aannemelijk maakt. Voordat we hiernaar kijken, is hier eerst een korte beschrijving van wat er gebeurt bij de ziekte.

Bij de ziekte van Parkinson sterven de zenuwcellen van de substantia nigra (zwarte stof) langzaam af. Deze cellen produceren dopamine en vervoeren deze neurotransmitter via hun uitlopers naar het striatum, een onderdeel van de basale ganglia. De normale behandeling van de ziekte vindt plaats via medicijnen die het tekort van stimulatie door dopamine in de basale ganglia compenseert door een stof die lijkt op dopamine, levodopa. Deze behandeling slaagt er vaak in om de symptomen te onderdrukken maar heeft echter verschillende nadelen. Een nadeel is dat het medicijn nieuwe bewegingsproblemen kan opleveren. Een tweede nadeel is dat het in sommige gevallen hallucinaties als bijwerking kan opleveren. Een derde nadeel is dat de werking na verloop van enkele jaren steeds sneller afneemt waardoor de dosis verhoogd dient te worden (wat tegelijk de kans op de eerste twee bijwerking kan vergroten).

Tot zover deze summiere uitleg over Parkinson en terug naar het onderzoek dat Peppers verhaal lijkt te ondersteunen. Onderzoekster Jennifer Tillerson deed onderzoek bij knaagdieren waarbij Parkinson-symptomen chemisch waren opgewekt en ontdekte dat wanneer deze dieren tijdens de 9 daarna volgende dagen matig intensief op een muizenrad liepen zij hun vermogen om te blijven bewegen behielden. Het dopamine-producerende systeem in de substantia nigra was beter intact gebleven bij deze dieren dan bij dieren die deze oefening niet deden.

Onderzoek van Michael Zigmond en zijn team ondersteunt deze bevindingen. De combinatie van rennen met een stimulerende omgeving zorgde er bij ratten en apen met opgewekte Parkinson-symptomen voor dat het verlies van dopamine producerende cellen beperkt werd. Hun onderzoek liet ook zien dat hierdoor het niveau van GDNF (een stof die ervoor zorgt dat neuronen groeien en overleven) steeg. Normaal gesproken daalt het GDNF niveau bij Parkinson-patiënten. Ook is bekend dat lichamelijke activiteit het niveau van BDNF, een stof die helpt bij het maken van verbindingen tussen neuronen, stimuleert.

Onderzoekers Tillerson, Miller en Zigmond hebben nog iets anders ontdekt. Zij wekten Parkinson-symptomen op bij proefdieren aan één kant van hun lichaam. Vervolgens gebruikten zij Edward Taubs constraint induced therapy. Dit betekent dat zij de goed functionerende ledematen door middel van gips onbruikbaar maakten waardoor de dieren gedwongen waren hun aangetaste ledematen te gebruiken. Toen na 7 dagen het gips verwijderd werd, waren de bewegingsproblemen verdwenen. De onderzoekers stelden vast dat proefdieren met een dopamineverlies van 20% snel 60% dopamineverlies hadden als ze niet konden bewegen. Zij suggereren dat verminderd bewegen niet alleen een symptoom van Parkinson is maar tevens een oorzaak.

Tot zover mijn beschrijving van de casus van Pepper. Het hoofdstuk van Doidge bevat uiteraard nog veel meer interessante details. Mijn hoop is dat er snel meer onderzoek naar de effecten van bewegen op Parkinson zal plaatsvinden!

 

Print Friendly, PDF & Email
Wat vind je van dit artikel?
  • Interessant (12)
  • Bruikbaar (1)