Bij trainingen, workshops, vergaderingen en presentaties kan het goed werken om te beginnen met een kort startoefeningetje in duo’s. Je zou zo’n oefeningetje een ‘erinkomoefening’ kunnen noemen. Binnen een minuut nadat je bijeenkomst is gestart, vraag je de aanwezigen een duo te vormen met iemand anders in groep waar ze nieuwsgierig naar zijn. Je vraagt ze een kort gesprekje met elkaar te voeren. Eerst is de ene persoon aan de beurt om te vertellen, in een minuut of 5 `a 10, daarna de andere.

 

Relevant en positief

Zorg er ten eerste voor dat het gesprekje gaat over een onderwerp dat verband houdt met het onderwerp van de bijeenkomst. Dit zorgt ervoor dat de aanwezigen de relevantie van het oefeningetje meteen begrijpen. Zorg er ten tweede voor dat het oefeningetje een positieve, progressiegerichte focus heeft. Dit zorgt ervoor dat de aanwezigen een gesprekje kunnen voeren dat leuk is en dat hen energie geeft en ideeën brengt.

 

Voorbeelden van onderwerpen

Hier zijn enkele voorbeelden van onderwerpen van startoefeningetjes:

  1. Voldoening schenkend moment: denk eens terug aan een situatie in je werk in de afgelopen tijd (die te maken heeft met het onderwerp van onze bijeenkomst) waarin je voldoening had omdat er iets lukte wat belangrijk voor je is. Wat gebeurde er precies in die situatie? Vertel eens waar je vooral tevreden over was? Hoe lukt het je om deze situatie goed te laten verlopen? Wat was het voordeel ervan?
  2. Tevreden gesprekspartner: denk eens terug aan een situatie waarin je een belangrijk gesprek moest voeren in je werk (dat te maken heeft met het onderwerp van onze bijeenkomst) waarin je merkte dat je gesprekspartner tevreden was over het gesprek met jou. Wat gebeurde er precies? Waar merkte je aan dat je gesprekspartner tevreden was? Waarover was je gesprekspartner vooral tevreden? Wat had jij gedaan dat dit mogelijk maakt? Waar was jij zelf achteraf het meest tevreden over?
  3. Bereikte en te bereiken progressie: vertel elkaar eens wat je antwoorden op de volgende drie vragen zijn: 1) welke progressie heb je vorige week bereikt in iets wat belangrijk voor je is (en dat te maken heeft met het onderwerp van onze bijeenkomst) en hoe is je dat gelukt?, 2) welke progressie zou je komende week graag willen bereiken in iets wat belangrijk voor je is? 3) Welke hulp, en van wie, zou je graag willen hebben om dat voor elkaar te krijgen?
  4. Goed opgelost: vertel elkaar eens over een lastige situatie die je recent hebt meegemaakt (die te maken heeft met het onderwerp van onze bijeenkomst) waarin je achteraf tevreden was met hoe je de situatie hebt opgelost of gehanteerd. Wat gebeurde er precies? Wat deed jij dat goed werkte in die situatie? Waaraan merkte je dat het goed werkte? Waar was je achteraf het meest tevreden over in wat je hebt gedaan in die situatie?

Bij het ontwerpen van je eigen startoefeningetjes kun je natuurlijk variëren op de hierboven beschreven voorbeelden zodat ze zo goed mogelijk passen bij het onderwerp van je bijeenkomst.

 

Opbrengsten

Het voordeel van dit soort startoefeningetjes is dat de aanwezigen niet eerst hoeven te luisteren naar een verhaal van de voorzitter of trainer maar meteen zelf kunnen praten over iets dat belangrijk en interessant voor hen is met iemand waar ze sympathie voor hebben. Zo zijn ze direct actief en krijgen ze door het positieve onderwerp meteen energie. Bovendien doen ze misschien al meteen een paar goede ideeën op.

 

Meer over progressiegericht werken

Print Friendly, PDF & Email
Wat vind je van dit artikel?
  • Bruikbaar (11)
  • Interessant (7)