Het beïnvloeden van mindsetsEr zijn verschillende manieren om bij andere mensen een groeimindset op te wekken. Ik beschrijf er hieronder enkele. 

 

Wanneer mensen de voordelen van een groeimindset beginnen te begrijpen en ervaren willen raken ze vaak ook geïnteresseerd in hoe ze een groeimindset bij anderen kunnen opwekken. Dit geldt in het bijzonder voor mensen in begeleidende rollen zoals ouders, docenten en leidinggevenden. Er zijn veel manieren waarop je de mindset van andere mensen kunt beïnvloeden. Sommige van die manieren zijn direct, andere zijn meer indirect. Met directe beïnvloedingswijzen bedoel ik gedrag waarbij je iets stelt of uitlegt; met indirecte beïnvloedingswijzen bedoel ik gedrag waarbij je niet iets stelt of uitlegt maar toch een beïnvloedend effect hebt. Ik zal enkele voorbeelden geven.

 

Bij directe beïnvloeding kun je onder andere denken aan informeren, normaliseren en het geven van procescomplimenten. Informeren bedoel ik de meeste brede zin geven van informatie over alles wat relevant is voor een groeimindset. Zo kun je vertellen wat de groeimindset inhoudt en wat de voordelen ervan zijn. Ook kun je filmpjes over de groeimindset laten zien. Nog een manier om te informeren is om resultaten van onderzoek te delen (bijvoorbeeld over de ontdekkingen op het gebied van de neuroplasticiteit). Normaliseren is vooral relevant wanneer mensen aangeven dat ze iets moeilijk vinden en twijfelen of het wel progressie kunnen boeken. Normaliseren betekent in dit verband dat je erkent dat het moeilijk is en dat het dus normaal is wat de andere persoon beleeft. Als een leerling bijvoorbeeld zegt: “Ik snap niets van die sommen! Dit gaat me nooit lukken”, dan kan de docent normaliseren door te zeggen: “Het is normaal dat je dit moeilijk vindt. Dit is inderdaad een van de moeilijke onderdelen van dit vak.” Door dit te doen zal de leerling minder snel denken: “Ik ben er blijkbaar te dom voor”. en in plaats daarvan denken: “Het is blijkbaar normaal dat ik dit moeilijk vind”. Vervolgens kan de docent informeren door te zeggen: “Als je hier wat extra tijd in stopt kom je vast verder.” Procescomplimenten zijn complimenten die niet over de persoon of de eigenschappen van de persoon gaan maar of wat die persoon heeft gedaan. Een typerend procescompliment is: “Ik vind het heel goed hoe hard je hieraan gewerkt hebt.”

 

Indirecte beïnvloedingswijzen werken iets subtieler maar zeker niet minder goed. Misschien wel het meest krachtige voorbeeld van indirecte beïnvloeding is het voorbeeld dat je zelf geeft. Als jij als ouder zelf een groeimindset ‘voorleeft’ (bijvoorbeeld door een studie te gaan volgen) is de kans groot dat je kind ook een groeimindset ontwikkelt. Een manager die een groeimindset laat zien, inspireert medewerkers om het zelfde te doen. Hiermee zeg ik natuurlijk niet dat je alleen een groeimindset moet aannemen om anderen te beïnvloeden; je doet dit zeker ook, en in de eerste plaats, voor jezelf. Een tweede categorie van indirecte beïnvloedingswijzen is vragen stellen. Ik licht er drie voorbeelden uit. Een eerste voorbeeld van vragen die een groeimindset kunnen opwekken is vragen over het proces waar de andere persoon mee bezig is, laten we ze procesvragen noemen. Als een kind bijvoorbeeld een tekening aan het maken is dan hoef je je reactie niet te beperken tot: “Wat een mooie tekening zeg!” Door vragen te stellen over wat het kind aan het tekenen is verleg je de aandacht van het kind van het resultaat (is de tekening mooi of niet) naar het proces (wat ben ik aan uitproberen?). Je kunt natuurlijk allerlei vragen stellen, zoals: Kun je iets vertellen over je tekening? Is de tekening al af of ga je er nog iets bijtekenen? Wat ga je straks tekenen? Ga je iets nieuws proberen te tekenen? Etcetera. Een tweede soort vragen dat een groeimindset kan opwekken is vragen naar eerdere successen. Als iemand vastloopt in een leerproces en het gevoel heeft niet verder te kunnen kun je vragen stellen zoals: “Wanneer is het je al eens eerder gelukt om iets vergelijkbaars voor elkaar te krijgen?” of: “Wanneer is het je al eens eerder gelukt om iets moeilijks te leren? Hoe pakte je dat toen aan? Wat werkte er goed?” Een derde voorbeeld van vragen is vragen naar gewenste progressie. Een voorbeeld van zo’n vraag kan zijn: “Waaraan zou je merken dat je er over een tijdje al iets beter in bent geworden?” Wanneer mensen over dit soort vragen beginnen na te denken neemt hun vertrouwen in het algemeen toe dat verbetering mogelijk is.

Print Friendly, PDF & Email
Wat vind je van dit artikel?
  • Interessant (16)
  • Bruikbaar (9)