Eerder onderzoek wijst op gunstige effecten van autonomie-ondersteuning in verschillende contexten zoals de opvoeding, onderwijs en de werkcontext (zie ook hier, hier en hier). In het algemeen wordt bij onderzoeken naar de effecten (bijvoorbeeld) autonomie-ondersteuning in het werk gebruik gemaakt van statische metingen van presteren (bijvoorbeeld Gagne & Deci, 2005). Dat wil zeggen dat er op één moment een meting van het functioneren wordt gedaan. Onderzoekers Kanat-Maymon & Reizer (2017) volgen een andere benadering. Zij maten het effect van autonomie-ondersteuning op het functioneren van nieuw aangenomen voetbalanalisten gedurende een periode van 5 maanden (N=68). Lees verder »