zwoegenEen paar dagen geleden sprak ik een leidinggevende die vertelde dat zij een gesprek met een medewerker had gehad waarin zij deze medewerker had aangestuurd. Ze vertelde me dat ze het voorbereiden van het gesprek nogal moeilijk had gevonden. Ze maakte gebruik van de techniek van progressiegericht sturen. Bij deze aanpak formuleer je heel duidelijk wat je wilt dat de medewerker gaat doen (dit heet je verwachting) en geef je ook duidelijk aan wat de reden is dat je dit van hem of haar vraagt (dit heet je motivering). Deze leidinggevende vertelde me dat ze het moeilijk had gevonden om de reden goed onder woorden te brengen. Ze zei dat ze er van alles bij sleepte en het heel ingewikkeld maakte. Pas aan het eind van haar voorbereiding lukte het haar om haar reden kort en eenvoudig onder woorden te brengen. Toen ze me dit verteld had vroeg ik haar of het gesprek het gewenste resultaat had opgeleverd. Dat bevestigde ze. Ze voegde er aan toe: “Maar ik vraag me af waarom ik het mezelf zo moeilijk maak tijdens de voorbereiding”.

In reactie hierop zei ik dat het volgens mij vrij normaal is om in het voorbereiden van een uitdagend stuurgesprek goed te moeten nadenken over het formuleren van je verwachting en je motivering. Dat dit lastig is en dat je hiermee moet worstelen is vrij normaal. Dit geworstel in je voorbereiding maakt de kans groter dat je gesprek daarna beter verloopt. De medewerker snapt beter wat er van hem of haar verwacht worden en snapt ook waarom. Dit gesprekje met deze leidinggevende doet me denken aan iets wat in het algemeen van toepassing is. Wij moeten vaak worstelen en doorzetten om beter te worden in iets en goede resultaten te bereiken. Maar we kunnen vaak denken dat we de enigen zijn die zo moeten worstelen. Soms lijkt het op alsof anderen hetzelfde moeiteloos te bereiken. Maar dit is een illusie.

Vergelijk het met een musicus. Bob Dylan sprak ooit zijn bewondering voor Paul McCartney uit met de volgende woorden: “He’s about the only one that I am in awe of … I’m in awe of him maybe just because he’s just so damn effortless.” Effortless? Moeiteloos? Misschien is het Bob ontgaan dat McCartney sinds zijn jeugd zo ongeveer continu ondergedompeld is geweest in muziek en altijd zeer bewust gezocht heeft naar muzikale vernieuwing? Ook van andere grote artiesten en kunstenaars wordt soms verondersteld dat zij hun kunst zonder veel moeite tot stand brachten. Alsof het allemaal alleen maar een kwestie van aangeboren talent zou zijn. Mozart was iemand over wie dit soort dingen bij uitstek gezegd werd. Maar Mozart zelf zei: “It is a mistake to think that the practice of my art has become easy to me. I assure you, dear friend, no one has given so much care to the study of composition as I. There is scarcely a famous master in music whose works I have not frequently and diligently studied.”

Wat is de reden dat we kunnen denken dat anderen moeiteloos tot hun vaardigheden en prestaties komen terwijl wij zelf er voor moeten zwoegen? De belangrijkste reden is volgens mij dat wij geen getuige zijn van hun gezwoeg maar wel van ons eigen gezwoeg. Wij zijn erbij als wij oefenen en ploeteren maar van anderen zien wij vaak alleen het resultaat van hun geploeter en gezwoeg. Als we naar een concert gaan zien we iemand optreden die een (hopelijk) vlekkeloze opvoering geeft. Wij weten niet hoe lang en hard deze persoon heeft moeten zwoegen. Maar we zouden het eigenlijk wel kunnen weten. Iedereen die ergens steengoed in wordt heeft lang moeten zwoegen. Het proces van oefenen kan frustrerend zijn maar het is nodig (zie het werk van Anders Ericsson).

Kortom: betrap je jezelf op de vertwijfeling waarom jij toch zo hard moet zwoegen terwijl anderen dat niet lijken te hoeven doen, realiseer je dan dat dit waarschijnlijk in grote mate een illusie is. Anderen hebben ook moeten zwoegen. Maar omdat jij hier niet bij was lijkt het alsof zij dit niet hebben hoeven te doen. Willen we echt goed worden dan moeten we zwoegen.

Wat vind je van dit artikel?
  • Interessant (3)
  • Bruikbaar (1)