Graag wil ik twee begrippen introduceren: niveaudenken en progressiedenken. Hieronder leg ik uit wat ik bedoel met die twee termen en pleit ik voor het leggen van minder nadruk op niveaudenken en meer nadruk op progressiedenken.

 

Met niveaudenken bedoel ik een manier van denken waarbij je in het beoordelen van jezelf en anderen en in het stellen van doelen de nadruk legt op het bereikte niveau en het gewenste niveau. Met progressiedenken bedoel ik een manier van denken waarbij je in het beoordelen van jezelf en anderen en in het stellen van doelen de nadruk legt op de bereikte en de gewenste progressie. Deze twee manieren van denken hebben een aantal verschillende kenmerken en effecten. Hieronder ga ik gedetailleerder in op deze twee aspecten, het beoordelen en het stellen van doelen.

 

Beoordelen

Bij niveaudenken kijken we primair naar hoe goed iemand is in iets en naar wat de persoon heeft bereikt. Wanneer we deze manier van denken toepassen op groepen vallen ons gemakkelijk de niveauverschillen tussen individuen op. Deze manier van kijken naar de werkelijkheid heeft nadelige effecten. Falko Rheinberg (1980) liet in een onderzoek zien dat leraren die prestatieniveaus van leerlingen met elkaar vergelijken geneigd zijn om deze verschillen toe te schrijven aan stabiele persoonskenmerken waarop zij dan ook hun verwachtingen van de leerling baseren (lees meer). Bij progressiedenken ligt de focus op de progressie die de individuele leerling nodig heeft en boekt. Deze manier van denken (1) schept hogere verwachtingen, zowel bij de leraar als bij de leerling, (2) verhoogt het activiteitsniveau van de leerlingen en (3) verlaagt het stressniveau van leerlingen (Trudewind & Kohne, 1982; Rheinberg, 1979, Rheinberg & Krug, 2005).

 

 

Doelen stellen

Bij niveaudenken stellen we onze doelen in termen van prestaties en resultaten. Bij niveaudenken visualiseren we een gewenste situatie die statisch is. We hebben een toestand bereikt die prettig en comfortabel is. We kunnen bijvoorbeeld denken over de situatie waarin we de loterij hebben gewonnen, aanzien hebben, ons diploma hebben gehaald, een mooie auto in ons bezit hebben en dergelijke. Bij niveaudenken redeneren we als volgt: “Als ik dat eenmaal voor elkaar heb, is mijn leven goed.” Bij progressiedenken is de gewenste situatie waar we op mikken meer dynamisch. We richten ons op waar we beter in willen worden en in de gewenste situatie visualiseren we onszelf in actie. Bij progressiedenken zijn we nooit klaar: ook in de gewenste situatie blijven we gericht op het boeken van verdere progressie. Progressiegerichtheid is een constante. Nooit bereiken we een situatie waarin verdere progressie niet meer nodig of mogelijk is.

Dit verschil tussen niveaudenken en progressiedenken correspondeert met het verschil tussen prestatie- of resultaatsdoelen en leerdoelen. Onderzoek heeft laten zien dat prestatie- en resultaatsdoelen in het algemeen meer negatieve effecten hebben terwijl leerdoelen in het algemeen meer positieve effecten hebben (Grant & Dweck, 2003; Meece et al., 2006; Lau & Nie, 2008; Murayama & Elliott, 2009; Nie, 2015, Benita et al., 2014).

 

Motivatie

Niveaudenken en progressiedenken hebben heel verschillende motivationele effecten. Zoals hier te lezen valt kan het fantaseren over een positieve gewenste toekomst waarin we ons bevinden in een prettige toestand (examen gehaald!) ons de illusie kan geven dat we die toestand al in zekere mate hebben bereikt waardoor we minder actief aan de slag gaan. Niveaudenken in het stellen van doelen kan dus passief maken. Als je daarentegen uitgaat van een situatie waarin verdere progressie altijd nodig en mogelijk blijft, is het onlogisch om inactief te worden. Je bereidt jezelf voor op voortdurende activiteit. Een tweede motivatieaspect dat ik wil belichten is het volgende. Mensen die zich vooral richten op het bereiken van niveaus (rijkdom, roem, bezit, status, cijfers, aantoonbare prestaties, en dergelijke) zijn minder te tevreden als zij deze dingen eenmaal hebben bereikt dan zij van tevoren gedacht hadden (zie onder andere Niemiec et al. (2009).

Dit heeft onder andere te maken met een verschijnsel dat sensorische adaptatie heet. Dit is een mechanisme van gewenning dat ertoe leidt dat we ook aan de goede toestanden en dingen in het leven wennen zodat we ze als normaal gaan beschouwen en er dus minder van kunnen genieten. Ook al zijn we omgeven door luxe, we zullen ons er niet langdurig gelukkig door voelen. Ons brein is behept met de neiging om alles in ons leven voortdurende te evalueren in termen van gewenstheid en mindere gewenstheid en we zullen dus, hoe prachtig onze omstandigheden ook zijn, nieuwe bronnen van ontevredenheid vinden. Als we onze doelen anders stellen, in termen van leren en steeds vooruitkomen, hebben we dit probleem niet. Het boeken van progressie motiveert en blijft dat doen, ongeacht op welk niveau je je bevindt.

 

 

Ik pleit niet voor het radicaal afschaffen van niveaudenken. In zekere mate kunnen en moeten we er niet omheen. In bepaalde functies kan een bepaald minimaal competentieniveau vereist zijn om de functie goed te vervullen. Het zou gevaarlijk zijn om hier niet aandachtig op te letten bij het selecteren en benoemen van mensen op die functie. In opleidingen kunnen we ook niet helemaal om niveaudenken heen. Opleidingen bereiden voor op volgende opleidingen of beroepen. Een bepaald minimaal instapniveau is dan aan de orde en dit instapniveau is belangrijk om op te mikken. Ik pleit dus niet voor het afschaffen van niveaudenken maar wel voor een accentverschuiving in de richting van progressiedenken. Een leraar die zich uitsluitend laat leiden door niveaudenken is alleen geïnteresseerd in de hoogte van de cijfers van zijn leerlingen. Een leraar die zich vooral laat leiden door progressiedenken, miskent niet het belang van de hoogte van cijfers maar kijkt verder dan dat. Hij let op het leerproces van de individuele leerling en bespreekt met die leerling welke dingen hij al beheerst en waar hij zich verder op moet gaan

 

Conclusie

Als we het in het stellen van doelen en het beoordelen van onszelf en anderen het accent iets meer gaan leggen op progressiedenken en iets minder op niveaudenken bereiken we meer.

Print Friendly
Wat vind je van dit artikel?
  • Interessant (20)
  • Bruikbaar (13)