De kracht van progressiegerichte coachingsgesprekken is dat cliënten veel ruimte krijgen om hun gedachten te ontwikkelen. Deze ruimte is belangrijk om cliënten te helpen een helder beeld te formuleren van wat ze willen bereiken en om stap voor stap ideeën te ontwikkelen hoe ze dit voor elkaar kunnen krijgen. Het beantwoorden van veel vragen van de coach doet een flink beroep op zowel het geheugen als het voorstellingsvermogen van cliënten. Het bieden van ruimte is dan ook een belangrijke basisvaardigheid van coaches.

 

Vier manieren om ruimte te bieden

Vier eenvoudige manieren om ruimte te bieden zijn:

  1. het stellen van stellen van open vragen
  2. aandachtig luisteren
  3. doorvragen
  4. stiltes laten bestaan

Een korte toelichting op deze vier manieren om ruimte te bieden. Open vragen zijn vragen die uitnodigen tot een uitgebreid antwoord. Een gesloten vraag daarentegen nodigt uit tot een kort antwoord. Enkele voorbeelden van open vragen zijn: “Kun je me iets meer vertellen over de situatie?”, “Hoe zou je willen dat je situatie eruit komt te zien?” en “Welke dingen die jij tot nu toe hebt gedaan, hebben al gewerkt?”. Open vragen zijn heel geschikt voor het bieden van ruimte. Hiermee is niet gezegd dat gesloten vragen niet nuttig zijn. Deze kunnen namelijk ook heel nuttig zijn, vooral als je als coach wil toetsen van of je iets goed begrepen hebt.

 

Aandachtig luisteren is een volgende manier om ruimte te bieden. Een actieve luisterhouding van de coach stimuleert cliënten om te vertellen. Als cliënten merken dat de coach luistert voelen ze zich namelijk serieus genomen. Een uitstekende manier om een actieve luisterhouding te tonen is door eenvoudigweg de beslissing te nemen om heel goed te proberen te begrijpen wat de cliënt belangrijk vindt en wil bereiken.

 

Doorvragen over wat cliënten net hebben verteld, geef hen de gelegenheid om hun perspectief verder te ontwikkelen. Een goede vuistregel is om in je vervolgvraag altijd te reageren op wat de cliënt net heeft gezegd. Hoe minder je vervolgvraag te maken heeft met wat de cliënt net heeft gezegd, hoe groter de kans is dat het gesprek stroever verloopt.

 

Omdat je als coach vaak vragen stelt die een flink beroep doen op het geheugen en het voorstellingsvermogen van cliënten is het logisch dat er regelmatig stiltes vallen. Deze stiltes kun je zien als nuttige denkpauzes voor de cliënt. Een goede vuistregel is om deze stiltes nooit te onderbreken. Een onderbreking van stilte verstoort namelijk het denkproces van de cliënt. Je kunt deze vuistregel vergelijken met een schaakwedstrijd. Nadat jij je zet hebt gedaan (je vraag hebt gesteld) is de ander aan zet. Jij mag geen zet doen tot de ander een zet heeft gedaan. Als tijdens een coachingsgesprek een stilte valt na jou vraag dan is de cliënt de eerste persoon die de stilte breekt.

 

Door het bieden van ruimte ervaren cliënten dat hun perspectief serieus genomen wordt en krijgen zij de gelegenheid om rustig na te denken en door te praten. Hierdoor krijgen ze de gelegenheid om een steeds realistischer en bruikbaarder perspectief te ontwikkelen. Stap voor stap krijgen ze een duidelijker beeld van waarin ze vooruit willen komen, hoe ze willen dat hun situatie wordt, welke dingen er al goed gaan en gingen en hoe ze een klein stapje vooruit kunnen zetten.

Print Friendly, PDF & Email
Wat vind je van dit artikel?
  • Interessant (4)
  • Bruikbaar (2)