progressiegerichte intervisieProgressiegerichte intervisie kan je helpen om met je team in een minuut of 20 een casus te bespreken en goede ideeën op te doen. De aanpak kent een aantal spelregels en stappen die ik onderaan dit artikel beschrijf. De aanpak werkt het beste als de spelregels en de stappen strikt worden toegepast en als er een behoorlijke vaart in het proces wordt aangebracht. Na afloop van de bespreking van de casus wordt er niet doorgepraat over de casus.

De methode lijkt op bekende intervisietechnieken maar wijkt in een paar details af. Een belangrijk voorbeeld daarvan is dat er, nadat de casus is gepresenteerd (stap 1) en hier enkele feitelijke vragen over zijn gesteld (stap 2) er een stap is waarin de deelnemers benoemen wat hen aansprak in wat de casusinbrenger naar voren bracht. Wat er in deze stap gebeurt is vaak krachtig en verrassend. In stap 4 worden tips gegeven. Deze ronde is vaak extra krachtig als de teamleden al bekend zijn met progressiegericht werken en dus progressiegerichte tips kunnen geven.

 

Deze week heb ik een team in een grote onderwijsinstelling de gelegenheid gegeven de methode uit te proberen. Na afloop reageerden de teamleden enthousiast. Met name de doelgerichtheid en de snelheid van de aanpak vonden ze goed werken. De casusinbrengster was verder positief verrast over de complimenten die ze kreeg tijdens stap 3 en over de vele en gevarieerde tips die ze ontving in stap 4.

 

Spelregels

  • Er is een voorzitter die de deelnemers om de beurt het woord geeft
  • Bij de rondes 2 tot en met 4 worden meerdere rondjes gemaakt
  • Als je als deelnemer het woord krijgt, lever je input dat zo compact mogelijk
  • Er vindt geen discussie plaats
  • Als je deelnemer even bedenktijd nodig hebt, zeg dan: “Ik pas”
  • De voorzitter maakt zoveel rondjes als nodig is om iedereen alles te laten vragen of zeggen wat hij of zij nodig vindt.

 

    Stap Beschrijving
1. Presentatie De case-inbrenger beschrijft een case waarover hij/zij graag wat tips wil ontvangen. Case-inbrenger geeft aan wat de reden is dat hij/zij graag tips wil en waar die tips zich op moeten richten.
2. Vragen Teamleden stellen feitelijke vragen om duidelijker te begrijpen wat de case-inbrenger hen vraagt.
3. Waardering De teamleden vertellen de case-inbrenger wat hen aanspreekt in de manier waarop de case-inbrenger de situatie hanteert/heeft gehanteerd. De case-inbrenger luistert maar reageert nog niet.
4. Tips De teamleden geven om de beurt 1 tip.
5. Nut De case-inbrenger vertelt wat voor hem of haar het meest bruikbaar is.

 

Na afloop:

  • Voorzitter vraagt aan de case-inbrenger: “Vond je het nuttig?”
  • Voorzitter vraagt vervolgens aan de groep: “Vonden jullie het nuttig?”
  • Na beantwoording van deze vragen wordt de oefening afgerond.

 

 

Print Friendly, PDF & Email
Wat vind je van dit artikel?
  • Interessant (9)
  • Bruikbaar (8)