intrinsieke en extrinsieke doelen“Ooit hoop ik een Porsche te kunnen rijden … dat is mijn grote droom”, zei een vroegere collega ooit tegen me. Ik weet niet of hij zijn droom verwezenlijkt heeft (we zijn elkaar uit het oog verloren) en, zo ja, of zijn leven er beter door is geworden. Iemand anders die ik ken vertelde me ooit dat ze ooit graag les wilde geven wat haar uiteindelijk gelukt is en wat ze leuk vindt. Wat een verschil in dromen …

Tim Kasser en Richard Ryan (1996) maakten het onderscheid tussen twee soorten aspiratie (levensdoelen) van mensen: extrinsieke aspiraties en intrinsieke aspiraties. Voorbeelden van extrinsieke aspiraties zijn financieel succes, roem en bewondering. Voorbeelden van intrinsieke aspiraties zijn: persoonlijke groei, betekenisvolle relaties en fysieke en mentale gezondheid.

Er is veel onderzoek gedaan naar de relatie tussen de typen aspiraties die mensen hebben en hun psychologische gezondheid en hun welbevinden. In een nieuw boek vat Ed Deci het onderzoek als volgt samen: “Consistently, the studies have shown that when people’s aspirations for pursuing extrinsic outcomes are relatively stronger than their aspirations for pursuing intrinsic outcomes, individuals tend to have lower self-esteem and self-actualization, as well a as higher depression, anxiety, narcissism, and Machiavellism, among other outcomes.” Een verklaring hiervoor is dat intrinsieke aspiraties rechtstreeks gekoppeld zijn aan basale psychologische behoeften (behoefte aan autonomie, competentie en verbondenheid) terwijl extrinsieke aspiraties op zijn best indirect gekoppeld zijn aan deze psychologische behoeften.

Niemiec, Ryan en Deci (2009) hebben ontdekt dat het belang dat mensen toekennen aan een bepaald type aspiraties (extrinsiek of intrinsiek) een predictor is van de mate waarin zij deze doelen later daadwerkelijk bereiken. Ze kwamen er ook achter dat de mate waarin mensen er in slaagden om intrinsieke doelen te bereiken samenhing met meer welbevinden en minder negatieve gevoelens en dat de mate waarin mensen er in slaagden om extrinsieke doelen te bereiken niet samenhing met welbevinden maar wel met meer negatieve gevoelens.

Dit is waardevolle informatie voor de manier waarop we onszelf ‘managen’ en waarop we onze kinderen opvoeden en onderwijzen en voor de manier waarop we kapitalisme definiëren. Ik onderken hoe verleidelijk deze extrinsieke aspiraties kunnen zijn. Maar het is duidelijk gevaarlijk om daar teveel aan toe te geven. Hoe kunnen we het bewustzijn van de waarde van intrinsieke doelen vergroten? Hoe kunnen we onszelf bevrijden, althans gedeeltelijk, van onze extrinsieke aspiraties? Hoe kunnen we een cultuur bevorderen in onze gezinnen, organisaties en maatschappijen waarin meer wordt gekozen voor intrinsieke dan extrinsieke aspiraties?

Print Friendly, PDF & Email
Wat vind je van dit artikel?
  • Interessant (9)
  • Bruikbaar (6)