Er is een nieuw publicatie van Macnamara & Rupani (2017) naar de relatie tussen mindset en sekse en opleidingsniveau. De onderzoekers vatten hun conclusies van de drie correlationele studies (N=103; N=147; N=200) die zij deden als volgt samen: 1) Tegen de verwachting in hebben vrouwen niet meer statische mindsets dan mannen, 2) Er is weinig bewijs dat meer intelligente vrouwen vooral statische mindsets hebben (het zogenaamde bright girl effect) en 3) Groeimindsets voorspellen niet het hoogste bereikte opleidingsniveau. Hier zijn enkele reflecties van mijn kant over dit onderzoek en deze conclusies.

 

Man-vrouw verschillen

Ik loop de bevindingen van deze onderzoeken even langs. Bevinding 1, dat vrouwen niet meer dan mannen statische mindsets hebben. Verschillende eerdere onderzoeken vonden wel een dergelijk verschil (Licht and Shapiro, 1982; Dweck, 1986). Mijn reactie: verschillende steekproeven kunnen verschillende relaties tussen variabelen laten zien. De steekproef van Macnamara en Rupani was relatief klein. De bevinding is interessant maar het lijkt me niet terecht om te stellen dat hun onderzoek eerder onderzoek simpelweg overruled.

Bevinding 2, dat dat bright girl effect nauwelijks werd gevonden (dat hoog intelligente meisjes en vrouwen, meer een statische mindset hebben): mijn inschatting is dat het bewijs voor dit effect tot nu toe niet zo sterk was. Mindsets zijn uiterst veranderbare aspecten van mensen. Ze kunnen over tijd en situaties veranderen. Het is goed mogelijk dat in in de ene context vrouwen wel een meer statische mindset hebben dan mannen en in een andere niet. Het is ook mogelijk dat het bright girl effect in de ene context wel optreedt en in de andere niet. Het is interessant om meer te weten te komen over hoe wat de contextuele effecten zijn op mindsets. Zelf zie ik man-vrouw verschillen niet als de kern van de mindsettheorie. Ik heb geen sterke intuïties over stabiele man-vrouw verschillen in mindsets en zou niet erg verbaasd zijn als deze alleen optreden in specifieke contexten waarbij mannen en vrouwen structureel anders worden behandeld.

 

Groeimindsets en intelligentie/hoogste opleidingsniveau

Dit vond ik meest interessant stuk in de onderzoeken. Dat er geen samenhang werd gevonden tussen mindset het hoogste opleidingsniveau is interessant maar ik betwijfel of de interpretatie van de auteurs de juiste is. De auteurs interpreteren deze bevinding als:  groeimindset leidt niet tot meer academische volharding. In de eerste plaats kun je op basis van een correlationele studie geen uitspraken doen over causaliteit (de frase “results in” is dus niet op zijn plaats). In de tweede plaats is er een andere verklaring mogelijk van de niet gevonden relatie tussen mindset en hoogste opleidingsniveau. Die interpretatie zou kunnen zijn dat hogere opleidingsniveau’s zelf een statische mindset kunnen opwekken. Ik licht deze redenering iets uitgebreider toe.

 

Wekken hogere opleidingen een statische mindset op?

Toen ik een jaar of 15 geleden voor het eerst hoorde over mindsets verwonderde ik me over mijn observatie dat in VWO-klassen er niet minder leerlingen met een statische mindset leken te zitten dan in een VMBO-klas. Mijn simpele redenering was: als een groeimindset leren en presteren stimuleert, zou je dan niet verwachten dat leerlingen met een groeimindset op hogere niveaus terechtkomen en dat er dus in hogere opleidingen een hoger percentage groeimindsetleerlingen zitten? Doordenkend, bedacht ik een verklaring voor mijn observatie dat dit niet zo leek te zijn.

Ik observeerde in mijn omgeving dat veel van de best presterende vwo-leerlingen min of meer voortdurend geconfronteerd werden met feedback die de boodschap bevatte dat zij zo intelligent waren. Deze leerlingen kregen van verschillende kanten de directe feedback (medeleerlingen, docenten, ouders) dat ze zo intelligent waren. Dit proces begon vaak al op de basisschool en zette zich voort op de middelbare school. Alleen al aan het feit dat ze op het hoogste opleidingsniveau zaten, werd vaak een intelligentie- of talentbetekenis gegeven. Uit onderzoek is bekend dat dit soort eigenschapsfeedback (“je bent gewoon erg slim”) en capaciteitenattrinbuties (“je zit op die school omdat je zo slim bent”) een statische mindet kunnen opwekken.

Ik vermoed dat de interpretatie van Macnamara & Rupani te simpel is. Uit het feit dat je op hogere opleidingsniveaus niet een hoger percentage leerlingen met een groeimindset aantreft, kun je niet perse afleiden dat een groeimindset niet bijdraagt aan het bereiken van een hoger opleidingsniveau. Een andere uitleg is de volgende: een groeimindset draagt wel degelijk bij aan het bereiken van beter leren en presteren (hier is veel bewijs voor) en daarmee aan het terechtkomen op een hoger (opleidings-)niveau maar het bereiken van dit hogere niveau kan een factor worden die op zichzelf weer een statische mindset opwekt. Een groeimindset brengt ons wel hoger maar al hoger komend wordt onze groeimindset weer ondermijnd. Om te weten te komen hoe mindset samenhangt met opwaartse mobiliteit kunnen we niet simpel volstaan met het vergelijken van verschillende percentages van mindsets op verschillende niveaus. We moeten longitudinaal onderzoek doen binnen en tussen opleidingsniveaus om er meer over te weten te komen.

Print Friendly, PDF & Email
Wat vind je van dit artikel?
  • Interessant (6)
  • Bruikbaar (3)