Het positiviteitseffect bij ouderenVijftien jaar geleden verscheen er een wetenschappelijk artikel met als titel Bad is stronger than good, geschreven door Baumeister et al. (2001). In dat artikel werden talloze onderzoeken beschreven naar de zogenaamde negativiteitsfout (negativity bias). Het artikel citeert onderzoek dat laat zien dat negatieve gebeurtenissen, emoties en informatie een sterker effect op ons hebben dan positieve. Ze concluderen aan het eind van het artikel:

“In our review, we have found bad to be stronger than good in a disappointingly relentless pattern. We hope that this article may stimulate researchers to search for and identify exceptions; that is, spheres or circumstances in which good events outweigh bad ones. Given the large number of patterns in which bad outweighs good, however, any reversals are likely to remain as mere exceptions.”

De uitzondering is gevonden

Slechts een paar jaar na deze publicatie identificeerden andere onderzoekers wat leek op een uitzondering op de negativiteitsfout. Charles, et al. (2003) en Mather & Cartensen (2003) waren de eersten die ontdekten dat oudere mensen minder kwetsbaar voor de negativiteitsfout waren en misschien zelfs een positiviteitsneiging. Sinds toen zijn er veel studies geweest die vergelijkbare bevindingen lieten zien: het lijkt erop dat er een leeftijdsgerelateerd positieviteitseffect in aandacht en geheugen bij ouderen is. Maar er was veel debat over de precieze aard en sterkte van dit effect.

Reed et al. (2014) voerden een meta-analyse uit van 100 empirische studies (N=7,129) die duidelijk liet zien dat er inderdaad een leeftijdsgebonden positiviteitseffect bestaat. Jongere mensen zijn (onbewust) meer geneigd om gericht te zijn en beïnvloed te worden door negatieve informatie en gebeurtenissen; bij ouderen is het meestal andersom.

Wat vind je van dit artikel?
  • Interessant (8)
  • Bruikbaar (6)