cognitieve controleIn Going from Good to Great with Complex Tasks legt Ozgun Atasoy uit dat de overtuiging dat bewust nadenken over wat we doen, terwijl we een complexe taak uitvoeren, per definitie ons functioneren belemmert. Het is waar dat een bepaald soort bewust denken ons functioneren kan schaden. Wanneer we bijvoorbeeld aan het typen zijn dan werken we grotendeels op de automatische piloot. Als we zouden proberen om bewust na te denken over elke aparte letter die we aan het typen zijn dan zou dit ons enorm vertragen en vermoedelijk zouden we ook veel fouten maken. 

Maar, zoals Atasoy uitlegt, wanneer we complexe taken uitvoeren, dan leidt het werken op de automatische piloot (zonder cognitieve controle of betrokkenheid) tot een sub-optimale uitvoering in de zin dat ons functioneren rigide wordt.  We verliezen de capaciteiten om te reageren op onverwachte gebeurtenissen. Ook is het zo dat de taak saai voor ons wordt op deze manier.

Hoewel bewuste controle op laag niveau onmogelijk is (zoals hierboven uitgelegd is) is cognitieve controle op hoog niveau wel mogelijk en dit kan ons functioneren verbeteren. Een pianist kan bijvoorbeeld niet op laag niveau sturen wat hij of zij doet (met welke vingerzetting zal ik dit akkoord aanslaan?) en doet er niet verstandig aan op de automatische piloot te spelen (zonder cognitieve controle). De pianist kan spelen met cognitieve controle op hoog niveau door zich te concentreren op mentale concepten of gebeurtenissen op hoog niveau zoals het type emotie dat het stuk zou moeten uitdrukken. Een experiment van Ellen Langer, bijvoorbeeld, demonstreerde dat leden van een orkest beter speelden door hun  hoog-niveau cognitieve controle te verhogen bij het spelen van een symfonie. De boodschap is dus dat je bewust betrokken moet blijven terwijl je een complexe taak uitvoert maar op de juiste manier, door je te concentreren op hoog-niveau concepten.

Wat vind je van dit artikel?
  • Interessant (2)
  • Bruikbaar (0)